Flokken

Wat heb ik een hondenleven!

Dat is wat ik vanmiddag ga doen. West-Vlaams heeft zoveel gevoel in haar werkwoorden.

Ik ben trouwens niet de enige. Mijn hondjes hebben er ook een ‘handje van weg’. Als ik me in de loveseat plant, zijn ze er als de kippen bij om zich rond me te flokken.

En dan hoef ik maar te vragen wie een knuffel wil en is het hek van de dam.

Ik kan ze niet missen, elk met hun karakter en eigenaardigheden.

Pippa, de jongste, likt je de oren van je lijf als ze ook maar even in de buurt van je gezicht geraakt.

Luna daarentegen is een lieve maar eigenzinnige moeder, die graag rust maar op tijd en stond komt vragen om met haar touwtje te spelen.

Baziel is de professor Gobelijn van de drie, hij ziet er altijd verward uit, is paniekerig en speelt spelletjes om te kijken hoe ver hij ons kan drijven.

Het zijn drie bolletjes ‘sjette’ (wol) die mijn leven mee kleuren, de interactie zorgt voor veel gegier en de zorg voor mijn drie schatten neem ik graag op me.

Ben ik een hondenmens? Blijkbaar.

Baziel kwam in mijn leven een maand na mijn intrek in mijn appartement. Hij werd ziek bij aankomst en vocht voor zijn leven. En hij is mijn klein en mager paniekerig gremlinschatje.

Luna kwam er bij toen ik tijdelijk introk bij mijn ventje en weer aan het werk ging na een burn-out.

Baziel alleen thuis laten wou ik niet en ik gunde hem een vriendinnetje, net zoals ik een partner gevonden had.

Pippa bleef bij ons uit het eerste (en laatste) nest van 3 pups van hen beiden omdat niemand een witte pup wou en ik me aan haar hechtte.

Toen ze toch tricolore bleek te zijn kwam er een vraag tot aankoop maar ik kon niet meer van haar loskomen, dus ze bleef.

Ondertussen is Pippa de schat van mijn ventje, die, uit liefde voor mij, de drie honden in zijn hart sloot ondanks zijn haarallergie.

Drie honden zou een klus zijn, ik merk daar echter niks van.

Mijn schat werkt in shifts en ik 4/5den en dan hebben we nog zoveel verlofdagen dat de honden amper enkele uren per dag ‘alleen’ met zijn drieën thuis zijn.

En dan is er nog opa die achteraan woont en af en toe bezoek ontvangt, de brievenbus leegt en door de tuin stapt.

Ik hoor ze niet tijdens de dag en in alle deuren zit een luikje door dewelke het soms om-ter-eerst- cross is naar de achtertuin waar de katten van opa en de hanen en hond van mijn buur-schoonbroer voor vertier zorgen.

Geen blafoverlast, geen gejank. Ze gedragen zich voorbeeldig en waken ’s nachts terwijl ze af en toe doorheen heel het huis dwalen.

Yep. Ze hebben een lekker lui hondenleven en ik ben ondertussen part of the pack, als ik vroeg wakker ben en me beneden in de zetel tussen hen in flok.

Heerlijk gewoon, die warme lijfjes tegen mijn benen als ik ’s avonds tv kijk, de verwelkoming voor het venster als ik na een lange dag thuiskom, de intelligentie die zeker en vast heel aanwezig is bij Bazieltje…

Ik zou niks anders meer willen. Geluk zit in…

Vee

Kerstmis in een doos

Life as I know it…

Ik heb de drie koningen net buiten gejaagd.

6 januari of niet, ik heb enkel vandaag tijd om de kerstboom weg te halen dus hadden ze maar een virtueel bezoek moeten brengen…

Dit jaar heb ik van het opruimen een event gemaakt: radio aan, koffietje bij de hand, alles mooi in plastic zakjes gedaan en ik kreeg alles in twee dozen en een kleine geschenkverpakkingszak. (Yep, scrabblevoer!)

Ondertussen trachtte ik zo economisch mogelijk te stappen: richting bergkot met afval, stofzuiger mee op de terugweg, was in de droogkast, stofzuiger in de keuken, afwas uit de keuken in de vaatwas, knutselspullen en kerstversiering naar boven, hor ingezet in de slaapkamer, was naar beneden, tweede doos naar boven, vieze oordopjes en dergelijke mee naar beneden en daarna stofzuigen en terug naar het bergkot, direct door naar opa die achteraan in de tuin woont om een koffie.

De boom heb ik zo klein mogelijk gesjord en in de inmaakkast boven kunnen proppen.

Elk jaar vergeet ik een iets op te bergen. Dus dit jaar heb ik extra rond gekeken.

En… toen alles opgeborgen zat bleek een hartje nog in de vogelkooi te hangen…

Dat zal er dus het hele jaar blijven hangen. Het zij zo.

Ik heb Kerstmis dus opgeborgen. En daarmee ook het jaar 2017.

Het was een topjaar en ik heb van elke dag genoten.

Maar ook 2018 wordt een topjaar, ik voel het aan mijn water.

Gelijk wat op mijn pad komt krijgt de Vee-stempel: ik maak er mijn ding van. En dus kan het alleen maar goed zijn voor mij.

Mijn ventje rust naast me in de zetel na een vroege shift en het is stil.

Mijn oudste en haar lief kwamen net langs en liggen eveneens te rusten op bed in de bovenste kamer onder het dak na een ochtendshift om dan straks sushi te gaan eten in Gent. Mijn jongste heeft groentechips proberen maken maar die zijn niet gelukt, bericht ze vanuit Maastricht.

Life as I know it, en ik ben gelukkig!

Vee

Laatste dag voor de eerste

Het doet wat met mij. Alsof ik nog een laatste keer moet profiteren van de dagindeling die ik zelf kies.

Vandaar dat ik nog eens de solden induik want -50 % kan al tellen en het uitgeven van wat geld bedaart mij onrust ietwat.

Eventjes nog genieten van een koffietje samen met mijn ventje helpt ook.

Morgen is mijn eerste werkdag in Brussel. Ik heb de treinuren bekeken: om 6u15 zeker vertrekken in plaats van om 7u00 opstaan.

Dus morgen om 5u45 op of vroeger want ik rij nog een half uur met de auto voor ik in het station kom en zie wat de dag morgen brengt.

Ik zie er ferm tegenop om drie uur van mijn privé-tijd in reistijd te zien veranderen maar dat went zeker?

Ik hoop dat de jobinhoud alles compenseert en ik daar mijn voldoening haal maar dat valt nog af te wachten.

Nu, een nieuw jaar, nieuwe uitdagingen, nieuwe keuzes ook mocht ik niet kunnen aarden. Het is wat het is.

Het jaar draagt een nieuwe job maar ook een mogelijkheid op een kleinkind in zich: mijn plusdochter en haar vriendin gaan voor een baby’tje!

Na fysieke en psychologische tests kregen ze groen licht om er aan te beginnen.

Dus ben ik begonnen met het uitkijken naar babyspullen en welk leuks er op de markt is qua babyspeeltjes.

Het wordt nog leuk, dat ‘omi’ worden!

Ik besef wel plotseling dat ik oud word als ik al omi word maar er lijken mij ergere dingen dan dat in het leven.

Wij zijn allemaal gezond, we steunen elkaar als gezin, als familie en dus zijn we in 2018 ook weer rijk. En meer wens ik niet.

Dat heet dan gelukkig zijn, zong Ann Christy. En ik weet wat ze bedoelde, en zij stierf WEL aan kanker.

Daarom, we doen verder op hetzelfde elan. Ik wens niets, het komt wel!

Vee

Blogloze 1 januari met een reden

Impulsiviteit en geluk in een vaatje

Gisteren stond ik op en dacht: Yep, mijn jongste is thuis vandaag, het is Nieuwjaar, tijd voor een eerste verrassing.

Ik wist het nog niet op 31 december dat ik dit ging doen, mijn schat had blijkbaar wel al een vermoeden want hij was met de camionette naar het werk vertrokken en had de gezinswagen voor de deur laten staan.

En dus spring ik enthousiast de wagen in met een fles water en tik het adres in Maastricht in. Het bericht naar mijn jongste vermeldt kort: naar Maastricht, cu!

Ik weet dat ze zeker nog een uur in bed ligt dus dan ziet ze pas dat ik kom als ik al halverwege of verder ben. Ik zie haar gezicht nu al voor me!

2u10 minuten… Ik wil er niet bij stilstaan en overtuig mezelf: Yes, you can! Mijn ventje is gaan werken, moet slapen straks en weer werken dus hij rust beter alleen.

Op de keukentafel ligt een briefje: eventjes heen en terug ritje Maastricht! X Vee

Een twintigtal minuten onderweg ben ik bijna aan de afrit om naar mijn pa te gaan. Zou ik afslaan, vraag ik hem mee?, schiet er door mijn hoofd.

Nee. Onder dit mom maakt het duiveltje op je schouder zich klaar om op te geven, Vee. Stoppen is terugkeren…

Dus rijd ik met een gevoel dat ik mezelf tegenhoud voorbij de bewuste afrit en direct daarna komt het besef dat ik nu echt niet meer terugkan. Ik ben al zo ver.

Goed zo!

Op radio Nostalgie klinken de allerbeste nummer 1-hits uit de voorbije jaren en ik geniet volop van het cruisen. Het is niet druk op de weg en af en toe brul ik mee, als een halve maar gelukkige gek met in mijn achterhoofd de idee dat er eentje superblij zal zijn.

En in mijn zelf opgeroepen euforie denk ik dat, mocht ze niet thuis zijn, ik dan toch fier zal zijn dat ik het gedaan heb, de hele rit alleen.

Een twintigtal minuten voor aankomst begint mijn blaas op te spelen maar twintig minuten hou ik het nog wel nog vol.

Maar dat is buiten mijn jongste gerekend.

Mama, ben je onderweg? Jippie!!!!!Wil je je gps aanpassen naar het volgende adres? De poort staat open en we (haar vriend en zijzelf) wachten je buiten op.

Hupla, gedaan met de zenuwloze rit want waar pas ik in godsnaam dat adres aan? Koortsachtig zoek ik de eerste stopplaats op mijn weg en voer het adres in dat ik toch wel twee minuten luidop citeer om het niet te vergeten. Wat was het nummer ook weer? Dat vraag ik straks wel als ik in de straat sta…

Yep. De 20 minuten veranderen onmiddellijk in 55. Miljaar!!! Mijn blaas! Ik vertrek direct want alleen een toilet instappen op een plaats als dit zie ik helemaal niet zitten.

De scenario’s van wat zich kan afspelen op deze plek aan de kant van de weg schieten me voor de ogen…

En de gps leidt me langs ongekende wegen, afrit 47 wordt Ausfahrt 47 en ik realiseer me plotseling dat ik in Duitsland zit.

Mijn telefoon licht op.

Nu niet, kind, ik moet mijn waze kunnen zien of ik rijd verkeerd!

-“Mama, waar blijf je? Wat zie je rond je?”

-“Kind, ik vind het wel en je ziet me straks maar niet meer bellen, ik wil de kaart zien op mijn gps!”

En dus rijd ik de snelweg af, Ausfahrt 47 en zoek het adres. Je raadt het al: je bent aangekomen op je bestemming.

Nope, ik zie niks dat op een poort lijkt en wat zoek ik eigenlijk? Ah ja, nummer 16, die ben ik al voorbij, dus weer een toertje gereden.

Sla links af…. en dus rijd ik een doodlopend straatje in met een oprit vol auto’s en weinig ‘omdraairuimte’.

Het zweet staat ondertussen in mijn laarzen maar het lukt me om te keren in 27duizend manoeuvres… 🙄

Daar! Een poort met een oprit die het bos inrijdt, zou het daar zijn? 16. Yep.

Daar huppelt ze me tegemoet, mijn overgelukkig kleintje. Ik word overladen met kussen en knuffels en arm in arm gaan we de bungalow binnen. Het is zalig om haar zo gelukkig te zien…

Waar is het toilet? Mijn eerste vraag in het huis van zijn ouders is er niet direct een van hoog niveau maar dan bedenk ik dat ik het dubbel en dik verdiend heb.

-“Mama, dat is Chantal en dat is Jan.”

Yep. We zijn geland. En ik weet dat ik vanavond naar huis moet ook maar daar wil ik nu nog even niet aan denken.

Vee

Wat eten we vandaag…

Nog even wat rust inlassen vooraleer we er weer invliegen.

Gisteren heb ik niet zoveel me-time gehad: eventjes driekwart door en driekwart terug gereden naar de tegenexpert van de arbeidsgeneesheer van mijn oudste – een ritje voor de koning, zoals ze hier zeggen…

10 minuutjes zijn we binnen geweest maar die man was gelukkig dokter genoeg om haar arm op te meten en een armdikte van -jawel- 2cm! meer vast te stellen aan de arm waarop ze gevallen is. Conclusie: als het woensdag nog niet gaat om te werken ga je terug naar de huisdokter…

En door deze wijze woorden wordt ze de twee dagen die de eerste ‘klutser’ haar vroeger had bevolen terug te werken maar die ze wegens te veel pijn niet kon waarmaken, toch betaald.

Mensen, wat een tijdverlies en geldverspilling allemaal! Mocht ik zo onpraktisch in mekaar zitten dan had ik nooit een gezin kunnen runnen! Maar het is een keten dus dan heb je miljoenen en papierwerk genoeg om zoiets te verzinnen…

En met onze regering is het geld bij de rijken te rapen, niet bij gewone mensen zoals ik en al zeker niet bij de jeugd die geenszins toekomt aan sparen op deze manier. En toch proberen ze daar dus nog geld te gaan halen.

I’m as appie as can bie, e – roept mijn ventje.

Ik moet eerlijk zijn en de context vermelden: hij kwam binnen met het nieuws dat de overgang naar 2018 niet denderend zal zijn. Zijn weerapp voorspelt storm en regen en donker weer.

Ik heb geen app nodig daarvoor. En ik zeg nog eens dat ik die negatieve gedachtengang niet kan/wil delen en dat hij dit niet moet meedelen als ik zo positief ingesteld ben als vandaag. Hij weet dat trouwens, negatief nieuws, daar ga ik los over, ik luister er niet naar.

En dus huppelt hij in pyjama door de living met : I am appie as can bie – e!

Gelukkig is hij even zot als ik, ik zou niks anders willen, twee gelukkige zotten samen 😜… en ik heb zo het idee dat we dementer worden met de dag dus ook gelukkiger.

Terug naar ‘wat eten we vandaag…’

Mijn schat heeft de gewoonte om een vers brood direct in de vriezer te steken en een bevroren brood eerst op te eten.

De vraag : -waarom mag IK nooit eens vers brood eten? is hier al meerdere keren gevallen. Zijn antwoord is steevast: “Maar dat IS vers brood, schat!”

Huh?

En toen ik zei dat ik ging ontbijten, zei hij: “Er zijn nog scampi met pasta over van gisterenavond, of je eet ‘verse’ stuutjes. Keuze genoeg!

Als ontbijt? Geef me maar stuutjes (boterhammen) met chocolade, als er nog chocolade is…

Nope dus… Dan maar de pralines die ik kreeg van mijn jongste met kerstdag op tafel gezet met de idee dat chocolade chocolade is.

Niet dus. Dat is buiten de vulling met drank gerekend.

<<<

Ineens schieten de woorden van wijlen mijn ma mij door het hoofd : “Goe verscheen is goe tegoare!” oftewel ‘het gaat apart je mond in maar komt toch allemaal samen in je maag terecht’.

Yep. En met die wetenschap en de wetenschap dat West-Vlaams toch een stuk veelzeggender en korter is dan het Algemeen Nederlands neem ik nu een bijt in mijn praline, vervolgens in mijn stuutje en drink een slok hete koffie.

Smaken doet het niet, maar ik heb ontbeten en kan aan mijn dag beginnen!

Vee